Vera’s verhaal: Teamwork

 

In een eerder blogartikel heeft Susanne al eens uitgelegd hoe het kan dat je in de audiodescriptie (AD) soms een mannenstem hoort, terwijl ons team uit vrouwen bestaat. Wij schrijven namelijk het AD-script, maar we spreken de AD niet zelf in.

Maar hoe gaat dat schrijven dan eigenlijk in z’n werk?

Het lijkt misschien alsof dat een taak is voor één persoon: de schrijfster, maar dat is zeker niet zo. In werkelijkheid werken we altijd met verschillende mensen aan één project. Het zit zo: persoon A schrijft het AD-script en kijkt het nog eens goed na. Niet alleen op spelling en grammatica, maar ook op schrijfstijl, herhaling, ontbrekende informatie en twijfelgevallen die zij voor zichzelf heeft genoteerd.

Vervolgens stuurt ze het script naar persoon B, die de eindredactie voor haar rekening neemt. Zij kijkt dan naar dezelfde punten, maar met andere ogen. Gelukkig maar, want vaak is het zo dat je niet al je eigen fouten ontdekt, maar dat je die van anderen wel ziet. Misschien staat er bijvoorbeeld nog ergens een fout geschreven woord zoals ‘slaat’ in plaats van ‘slaapt’. De spellingcontrole haalt dat er ook niet uit, maar de eindredacteur kan dat wel! Bovendien heeft zij misschien nog mooie toevoegingen of andere manieren om een bepaalde scène te beschrijven. Ook gaat ze in op de twijfelgevallen en vragen van de beschrijfster. 

Een ouderwetse winkelweegschaal, omdat het maken van een goede audiodescriptie een kwestie is van je woorden wikken en wegen

Als de eindredacteur de hele audiodescriptie kritisch heeft bekeken, stuurt ze het nagekeken script weer terug naar de beschrijfster. Die neemt de feedback en opmerkingen van de eindredacteur weer door. In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij iemand die nog niet zo lang AD schrijft, doen we zelfs een dubbele eindredactie. Dan hakt een derde persoon de laatste knopen door.
 
Op die manier zorgen we ervoor dat de kwaliteit van onze AD-scripts wordt gewaarborgd. Want niets is vervelender dan fouten of onduidelijkheden in de AD die je uit het verhaal halen van die spannende, mooie of grappige film.

gepubliceerd op 11 juli 2019


Deel op:

Vera’s verhaal: Tweede groepscursus in Maastricht


Nadat ze in het voorjaar van 2018 stage had gelopen bij Nevero, kwam Vera op 1 augustus in dienst als audiovisueel vertaler. Voortaan zal ze hier regelmatig iets schrijven over haar belevenissen op het werk.

Op dinsdag 19 maart 2019 vond opnieuw de cursus ‘Audiodescriptie schrijven voor film en tv’ plaats, die gegeven wordt door Susanne. Ikzelf was er alleen met de ontvangst en het laatste deel van de dag bij. De cursisten gingen op dat moment aan de slag met de software waar wij onze scripts in schrijven, namelijk Wincaps. Zien tegen welke problemen de deelnemers aanliepen was interessant en herkenbaar. Zo kostte het ze even tijd om te leren welke toets wat doet en werd de tekst van een van de cursisten ineens geel – iets wat mij zelfs nu ook nog wel eens gebeurt. Een foutje is zo gemaakt, maar gelukkig werkt ook in Wincaps de levensreddende toetsencombinatie Ctrl + z (ongedaan maken).

De ruimte waar de audiodescriptie-opleiding plaatsvond
De ruimte waar de audiodescriptie-opleiding plaatsvond

Een cursist vergeleek het leren audiobeschrijven met leren autorijden. In het begin kost een handeling als schakelen je heel veel moeite, maar uiteindelijk doe je dat zonder erbij na te denken. Zo gaat het werken met de software op een gegeven moment ook bijna vanzelf. Alleen kom je bij leren autorijden steeds nieuwe obstakels tegen. Als het schakelen dan eindelijk vlot gaat, merk je bijvoorbeeld dat je nog net wat beter in je spiegels moet kijken. Mensen zeggen ook wel eens dat je pas echt leert rijden nadat je je rijbewijs hebt gehaald. Daar moest ik aan denken toen een van de cursisten me vroeg hoe lang het duurt voor je audiobeschrijven helemaal onder de knie hebt. Ik vind dat een moeilijke vraag om te beantwoorden, want hoewel het uiteraard een heel stuk beter gaat dan in het begin, leer ik nu nog steeds veel bij van mijn meer ervaren collega’s. Ik kan dus alleen maar zeggen dat het, net als autorijden, heel veel oefening kost. Je begint op een verlaten parkeerplaats en zal dan via een rustige straat uiteindelijk de drukke snelweg op gaan. En zowel voor autorijden als voor audiobeschrijven geldt dat het belangrijkste is: goed kijken!

gepubliceerd op 9 april 2019


Deel op:

Nu verandert er langzaam iets

Over regels en wanneer ze te overtreden

In onze opleidingen staan we uiteraard stil bij de regels en richtlijnen voor audiodescriptie. Maar af en toe moet je de regels durven overtreden. Een mooi voorbeeld is de documentaire ‘Nu verandert er langzaam iets’.

‘Nu verandert er langzaam iets’ is de titel van een opvallende documentaire die vorig jaar op het IDFA in Amsterdam werd verkozen tot beste Nederlandse documentaire. Zoals in verschillende recensies vermeld werd, is de afstandelijke manier van filmen erg beklijvend. Vrijwel alle beelden zijn gefilmd vanuit een vast camerastandpunt waarbij altijd de volledige ruimte getoond wordt waarin de actie plaatsvindt. Bovendien is er geen voice-over die het verhaal aan elkaar praat en zijn er geen interviews waarbij mensen ‘in de camera’ praten.

In de audiodescriptie willen we natuurlijk wel hetzelfde, ietwat bevreemdende effect bereiken. Maar het mag er ook niet te dik bovenop liggen. Lang niet alle ziende kijkers zullen namelijk exact kunnen uitleggen wat de docu nu zo fascinerend maakt, want camerastandpunten neem je vaak maar half bewust waar.
Een manier waarop je als audiobeschrijver de sfeer van de docu kunt weergeven, is gewoon door te doen wat je altijd doet, nl. beschrijven wat je ziet. Daarbij valt op dat je altijd een volledige ruimte ziet waarbij de mensen waar het om gaat vaak op de achtergrond iets doen – of net niet. Door woorden te gebruiken als ‘in de verte’ en ‘op de achtergrond’ in de beschrijvingen, kom je al een heel eind.

Een groep mensen luistert naar een spreker die voor een zaal staat

Een groep mensen luistert naar een spreker die voor een zaal staat, gefotografeerd vanuit het typische ‘fly-on-the-wall’-standpunt dat in de docu veel gebruikt wordt. Een afbeelding van Claude Star op Pixabay.

Van de andere kant zijn er heel af en toe scènes waar de regisseur bewust wel met close-ups werkt. Een van de regels in audiodescriptie is dat je filmtermen vermijdt. Het is immers de bedoeling dat je het verhaal vertelt dat de regisseur wil weergeven, niet dat je de nadruk legt op de gebruikte techniek als daar geen reden voor is. Maar hier is die reden er wel en dan kunnen wij dat weergeven in de beschrijvingen. Vandaar dat je in deze audiodescriptie op een bepaald moment zult horen dat iemand een close-up van zichzelf filmt.

Een tweede voorbeeld is het gebruik van het woord ‘nu’. Audiodescripties worden hoofdzakelijk in de tegenwoordige tijd geschreven – een uitzondering zijn flash-backs, waar we met de verleden tijd kunnen aangeven dat iets eerder is gebeurd. Maar als alles ‘nu’ gebeurt, is het niet nodig om het woord ‘nu’ te gebruiken. Dit is een regel waar we wel vaker van afwijken, omdat je met ‘nu’ in een actiescène bijvoorbeeld de snelle opeenvolging van gebeurtenissen mooi kunt weergeven. In deze documentaire is daar geen sprake van. Integendeel, het rustige tempo is juist heel opvallend. Toch hebben we er bewust voor gekozen om af en toe ‘nu’ te gebruiken, bij voorkeur zelfs aan het begin van een zin. Zo zeggen we exact twee minuten na het begin van de docu ‘Nu begint iedereen in de groep mee te bewegen’. Uiteraard is dit een subtiele verwijzing naar de titel van de film, ‘Nu verandert er langzaam iets’.

Wie ons op social media volgt, weet dat we in elke audiodescriptie wel een lievelingsbeschrijving hebben die goed weergeeft waar de film over gaat. In ‘Nu verandert er langzaam iets’ is dat het volgende tekstblokje:

In de stal zijn mensen bezig de varkens te strelen, waarvan de meeste langs de zijkanten liggen. Eén varken schommelt genoeglijk door de laag stro op de vloer. Een man loopt naar het midden van de stal en gaat daar op één knie zitten, zodat hij op ooghoogte is met het varken. Terwijl het dier de man besnuffelt, komt er een vrouw met lang blond haar aan, die bij het varken hurkt en het helpt om op z’n zij te gaan liggen. Dat levert protesten op van een zwijntje, dat half onder het grote dier verdwijnt.

Benieuwd naar de rest van de docu? De trailer kun je hier bekijken:

Uiteraard staat de audiodescriptie in de Earcatch-app.
Waar en wanneer de film vertoond wordt, vind je in de agenda: https://www.earcatch.nl/agenda/film/.

gepubliceerd op 2 april 2019


Deel op:

Vera’s verhaal: Een gemiddelde werkdag

 

Nadat ze in het voorjaar van 2018 stage had gelopen bij Nevero, kwam Vera op 1 augustus in dienst als audiovisueel vertaler. Voortaan zal ze hier regelmatig iets schrijven over haar belevenissen op het werk.

„Wat lijkt me dat toch heerlijk, zo’n kantoorbaan als de jouwe, waarbij je gewoon elke dag het kantoor binnenstapt en precies weet wat je gaat doen,” verzuchtte een vriendin van me laatst. Daar moest ik enorm om lachen. Bijna elke dag gebeurt er namelijk wel wat onverwachts.

Als ik aan een project werk, weet ik inderdaad wanneer ik moet leveren en maak ik een planning. Betekent dat dat ik dan constant en geheel volgens die planning aan het werken ben? Nee, hoor. Vaak loop ik in een project tegen dingen aan die anders uitpakken dan verwacht. Soms is het lastig in te schatten hoe lang je over een bepaald stuk van een film zal doen. Met een stuk waar veel gesproken wordt, ben je sneller klaar dan met een stuk waar veel ruimte is voor AD.

Witte neonletters vormen de woorden 'Word harder' tegen een blauwe achtergrond

Daarnaast kan elke nieuwe mail die binnenkomt betekenen dat dat project weer even aan de kant moet. Even een paar kleine opdrachten tussendoor, die dan toch meer tijd kosten dan je denkt. Het ondertitelen van een ‘eenvoudige’ webvideo van een paar minuten, betekent makkelijk een uur werk. Soms zelfs meer, als er veel opzoekwerk bij komt kijken. Met al die kleine onderbrekingen tussendoor kun je in totaal wel anderhalve week bezig zijn met een bioscoopfilm van zo’n 100 minuten.

Bovendien werken we ook wel eens met voorlopig materiaal. Dat betekent dat, als er nadat wij geleverd hebben nog wat aan de film gewijzigd wordt, wij ons werk ook moeten aanpassen. Soms worden er bijvoorbeeld nog beelden toegevoegd of juist weggehaald, of is een dialoog die eerst amper te horen was ineens duidelijk te verstaan. Dan moeten we de hele film nogmaals doornemen en komen we misschien weer voor nieuwe verrassingen te staan.

Zo is elke dag weer anders. Een gemiddelde werkdag? Die bestaat niet, en als je het mij vraagt, maakt dat het werk juist extra leuk.

gepubliceerd op 5 maart 2019

 


Deel op:

Over audiobeschrijven en de keuzes die we daarbij maken…

 

Het komt soms voor dat audiodescriptiegebruikers ons mailen over dingen die hen opvallen als ze een audiobeschreven film of tv-serie bekijken. Zo hebben we al de vraag gehad hoe het komt dat er soms een mannenstem te horen is, terwijl er alleen vrouwen in ons schrijfteam zitten. Hoe dat precies zit, hebben we in een vorig blogbericht besproken.

Laatst kregen we nog een goeie vraag. Het ging om een stel waarbij de ene partner slechtziend is en de andere ziend. Als ze samen tv-kijken, probeert de ziende partner soms korte beschrijvingen toe te voegen. Alleen vindt haar partner dat ze daarbij te subjectief is of zoals ze het zelf formuleert: “Wat ik merk, is dat ik erg gefocust ben op het lezen van gezichten. Zijn feedback is dat ik daar te veel ‘invul’. Blijkbaar is: “ze kijkt erg verbaasd” voor hem al te rijk. Hij heeft liever teksten als: “ze heeft haar ogen wijd open” waardoor hij in combinatie met de muziek zelf kan concluderen dat er iets in de scene is om verbaasd over te zijn.” 

De mail eindigde met de opmerking dat de twee nu samen naar de audiodescriptie (AD) bij Flikken Maastricht luisteren: “Ik hou enorm van die serie omdat er zo weinig in gesproken wordt en de beelden veelal het verhaal vertellen. We waren benieuwd hoe de AD zou zijn. Ik vond het boeiend om te horen welke keuzes daar gemaakt zijn. En dat maakt me ook nieuwsgierig naar het proces van het schrijven van het script!”

Een ouderwetse tv in een duinlandschap. Het beeld van de tv is grijs.
Een ouderwetse tv in een duinlandschap.

Het is niet zo dat er maar één juiste manier is om aan audiodescriptie te doen en elke beschrijver heeft sowieso zijn/haar eigen stijl. Nu heb ik (Susanne) zelf een universitaire vertaal- en tolkopleiding gevolgd en daar leer je bepaalde principes aan waar je je aan moet houden. Heel belangrijk is dat je als vertaler of tolk een ‘doorgeefluik’ bent van informatie, maar dat je de communicatie niet mag verstoren door zelf je eigen mening toe te voegen e.d.

In audiodescriptie (wat uiteindelijk een vorm van audiovisuele vertaling is), gelden die principes ook, maar er zijn twee stromingen in ons vakgebied. Aan de ene kant heb je de Amerikaanse stroming die zegt dat je je puur bij de feiten moet houden en absoluut niks mag toevoegen (de ‘objectieve’ stroming). Dan krijg je beschrijvingen als “hij trekt z’n wenkbrauwen op”, waar de voorkeur van de slechtziende partner uit de mail naar uitgaat.

Alleen is die werkwijze lastig vol te houden in de praktijk, en daarom is er in Europa een meer ‘subjectieve’ stroming opgekomen. Dat betekent niet dat Europese beschrijvers hun eigen mening weergeven of zomaar extra uitleg toevoegen, maar wel dat wij het zullen zeggen als duidelijk is dat iemand verbaasd kijkt (in plaats van ‘hij trekt z’n wenkbrauwen op’). Een woordje als ‘verbaasd’ of ‘boos’ is veel korter dan ‘trekt z’n wenkbrauwen op’ of ‘knijpt z’n ogen dicht’ en blijkt ook duidelijker te zijn (wenkbrauwen optrekken kan ook op een vragende blik duiden en de muziek en achtergrondgeluiden zijn lang niet altijd duidelijk).

Wat ook meespeelt, is dat je maar heel weinig tijd hebt om beschrijvingen toe te voegen, en dan is zo’n bijvoeglijk naamwoord handiger dan een langere beschrijving.

Overigens: audiodescriptie is geen exacte wetenschap en soms blijkt het heel goed te werken om de regels eens overboord te gooien. Dat hebben we bijvoorbeeld op speciaal verzoek gedaan bij de audiodescriptie van Ron Goossens, Low Budget Stuntman.

Als je meer wilt weten over het schrijven van audiodescriptie bij film en tv, kun je natuurlijk ook onze eendaagse opleiding volgen! In dit blogartikel lees je daar meer over: https://nevero.nl/workshop-audiodescriptie-voor-film-en-tv/

gepubliceerd op 13 februari 2019 


Deel op:

Workshop ‘Audiodescriptie voor film en tv’

 

Op 11 december 2018 organiseerden we voor de eerste keer onze workshop ‘Audiodescriptie voor film en tv’. In één dag leerden de deelnemers waar je op moet letten bij het maken van een professionele audiobeschrijving en maakten ze kennis met de software die wij daarvoor gebruiken. Bovendien kregen ze een hele reeks praktische tips om hun eigen schrijfwerk én dat van anderen kritisch na te kijken.

De opleiding ‘Audiodescriptie schrijven voor film en tv’ is gebaseerd op een tweedaagse opleiding die we in mei 2017 twee keer hebben gegeven in opdracht van Vereniging Bartiméus Sonneheerdt in Zeist (nu Bartiméus Fonds). Het doel van deze cursus was om een diverse groep vrijwilligers op te leiden tot amateur-beeldbeschrijvers die zouden werken aan een online database van toegankelijke video’s. Hieruit is later Scribit gegroeid, een innovatief platform voor toegankelijke YouTube-video’s.

In onze eigen groepscursus hebben we de lat iets hoger gelegd, want we behandelen de lesstof in één dag én de deelnemers krijgen een introductie in het werken met professionele apparatuur.

Kijken, analyseren, timen en schrijven

We begonnen de workshop op 11 december met de theorie achter het audiobeschrijven. Hierin leer je wat audiodescriptie precies is en voor wie het bedoeld is. Vervolgens krijg je een overzicht van de belangrijkste richtlijnen aangevuld met een aantal praktische tips. We leggen je uit waarom die richtlijnen zo belangrijk zijn en laten voorbeelden zien ter illustratie.

Daarna was het tijd om het geleerde in praktijk te brengen aan de hand van een aantal oefeningen waarvan de moeilijkheidsgraad in de loop van de dag toenam. Aan het eind van de dag hadden de deelnemers hun eerste, korte audiodescriptie bij een door ons gekozen video gemaakt.

Algauw kwamen de deelnemers zelf tot de conclusie dat het bij het maken van een audiodescriptie belangrijk is dat je heel gestructureerd te werk gaat. Kijken, analyseren, timen en schrijven, dat zijn de kernwoorden waar we rond werken. Vooral de vraag ‘wat is dat nu weer?’ dook vaak op bij het analyseren van de video’s. Daarnaast bleek het belangrijk te zijn om goed af te wegen wat je zou beschrijven en hoe.

Na het schrijfwerk was het tijd om het eindresultaat kritisch na te kijken. Aan de hand van een reeks praktische tips leerden de cursisten om hun eigen werk en dat van anderen te evalueren.

Het gebouw van Officenter in Maastricht waar de opleiding plaatsvond

Enthousiaste deelnemers

De cursus bleek erg in de smaak te vallen. Zo kregen we achteraf dit compliment van een van de deelnemers: “Dank je voor de leuke cursus! Ik vond het erg leuk om te doen.”

Al voor de opleiding van start ging, bleek dat er veel interesse zou zijn. We kregen heel wat mailtjes van geïnteresseerden en De Taalsector schreef een artikel over het initiatief: https://www.taalsector.be/cms/actueel/4129-audiodescriptie-schrijven-voor-film-en-tv-11-12-2018-maastricht.

Voor herhaling vatbaar

Om verschillende redenen bleek de gekozen datum uiteindelijk voor veel geïnteresseerden niet zo goed te passen, dus we hebben besloten om de opleiding dit voorjaar al opnieuw te organiseren. Heb je interesse om mee te doen? Neem dan zeker contact met ons op! Wacht ook niet te lang, want we werken bewust met kleine groepjes (max. 5 deelnemers) zodat we iedereen voldoende begeleiding kunnen bieden.

gepubliceerd op 5 januari 2019

 


Deel op:

Privéopleiding ‘Audiodescriptie voor film en tv’

 

Begin dit jaar kregen we een aanvraag voor een privéopleiding ‘Audiodescriptie voor film en tv’. En zo kwam het dat we een crashcursus uitgewerkt hebben voor één persoon, inclusief persoonlijke begeleiding achteraf.

De aanvraag kwam van een bedrijf dat actief is in de tv-sector. Om beter in te kunnen spelen op vragen van hun klanten wilden ze graag een van hun medewerkers een crashcursus audiodescriptie (AD) voor film en tv laten volgen. Of wij iets voor hen konden betekenen? “Gaat niet, bestaat niet!” is het credo bij Officenter, waar wij onze kantoorruimte huren, dus keken we of en hoe we een opleiding op maat konden uitwerken.

Nu leiden wij al jaren onze eigen medewerkers op, dus het samenstellen van een cursus was op zich niet nieuw voor ons. Alleen duurt het een hele tijd voor iemand het vak onder de knie heeft. Of zoals ik het tegenover de klant formuleerde: in een paar dagen kan je iemand met talent aanleren wat audiodescriptie is en wat de valkuilen zijn, maar voor iemand een volleerd AD-schrijver is, ben je een halfjaar tot een jaar verder, waarbij die persoon ook goed begeleid moet worden. En dan nog is het niet voor iedereen weggelegd.

De klant besefte goed dat dit een risico was, maar ze wilden het er toch op wagen. Daarom stelde ik voor om een vrij intensieve opleiding van een dag of twee ter plaatse te geven zodat de nodige achtergrond en basis er goed in zouden zitten. Vanaf dan konden we overstappen op een systeem van afstandsleren waarbij de medewerker korte scriptjes zou doorsturen die wij dan weer konden beoordelen. Aan de hand van die feedback kon de beginnende audiobeschrijver z’n techniek verder bijschaven en perfectioneren.

Opleiding Bartiméus Sonneheerdt
Geen privéopleiding, maar een groepje dat een audiodescriptiecursus volgt bij Susanne

Intussen zijn er heel wat maanden verstreken en de opleiding is een succes geweest voor het bedrijf in kwestie. Ze hebben nu iemand in huis die het klappen van de zweep kent en die hun klanten kan adviseren bij audiodescriptie-aanvragen.

Overweegt u ook om een privéopleiding te volgen? Neem dan gerust contact met ons op!

gepubliceerd op 27 juli 2018


Deel op:

De Heilig Bloedprocessie en The Passion

 

Op het eerste gezicht hebben de live audiodescriptie bij de Heilig Bloedprocessie in Brugge en bij The Passion op NPO Radio 2 veel met elkaar gemeen. Maar er zijn ook verschillen…

Vandaag heb ik de laatste hand gelegd aan de audiodescriptieteksten voor de Heilig Bloedprocessie, die morgen (10 mei 2018) door de straten van Brugge trekt. Het wordt al de derde keer dat we dit evenement live gaan beschrijven voor de blinde en slechtziende mensen in het publiek. Op het eerste gezicht lijkt deze processie enorm op The Passion, die jaarlijks wordt uitgezonden op tv en die dit jaar voor het eerst met audiodescriptie te volgen was op NPO Radio 2. In beide optochten staat het lijden van Jezus immers centraal. Maar schijnt bedriegt…

De reden dat ik de evenementen goed kan vergelijken, is dat ik voor de Heilig Bloedprocessie altijd zelf de blindentolk van dienst ben en dat ik bij The Passion dit jaar advies heb gegeven over de audiodescriptie. Daarnaast hebben we de aangeleverde teksten nagelezen én de scripts bij de video’s aangevuld. En daar zit meteen al het eerste grote verschil met de Heilig Bloedprocessie. Want hoewel het allebei live-evenementen zijn waarbij een processie door de straten van een stad trekt, zijn er bij The Passion vooraf opgenomen scènes die worden uitgezonden op tv. Het voordeel daarvan is dat je die scènes heel secuur kunt voorbereiden en dat je tijdens de uitzending dus precies weet wat je op die momenten kunt verwachten. Bij de Heilig Bloedprocessie heb je dat soort ‘rustpunten’ niet: alles is live en hoewel je ook daar met een script werkt, weet je eigenlijk nooit in hoeverre je kunt vertellen wat je had voorbereid. Zo bleek de vorige keer dat de deelnemers aan het eind van de processie steeds sneller begonnen te lopen, zodat ik veel beschrijvingen heb moeten inkorten…

Daarmee wil ik niet zeggen dat het live beschrijven van video’s ‘makkelijker’ zou zijn. In tegendeel, zelfs, want als je één cue mist, klopt soms de rest van je verhaal niet meer. In 2016 heb ik bijvoorbeeld een volledige filmvoorstelling van live audiobeschrijvingen voorzien en dat was een hele klus. Zoals Wouter van der Goes al aangaf in het voorafgaande interview over The Passion wil je je op zo’n moment niet verspreken. Een extra uitdaging bij die filmvoorstelling was dat ik bij die film ook live de ondertitels moest verwerken in mijn beschrijvingen. Meer daarover lees je op mijn Belgische blog.

En tot slot nog een grappige overeenkomst die me opviel tussen live audiodescriptie en radio maken: in beide gevallen probeer je als vertelstem ook de sfeer weer te geven in je verslag. Bij andere evenementen die ik beschrijf zoals het Buitenbeenpop-festival, let ik er altijd op dat ik niet alleen vertel wat er op het podium gebeurt, maar dat ik ook weergeef wat er verder nog te zien is. Is het druk op het plein? Wat doen de mensen precies: filmen ze bijvoorbeeld de artiesten of zwaaien ze enthousiast naar de cameraploegen die het evenement filmen? En natuurlijk: zijn er belangrijke geluiden die je moet uitleggen omdat ze anders niet duidelijk zijn? Dat en nog veel meer kon je horen in de audiodescriptie van The Passion, die intussen als podcast online te beluisteren is én je kunt erover lezen in dit blogartikel over Buitenbeenpop.

Een videoverslag over de audiodescriptie bij de Heilig Bloedprocessie in 2016.

gepubliceerd op 9 mei 2018


Deel op:

Vera’s stage bij Nevero

 

Tussen half februari en half april hadden we een stagiaire in huis. Hieronder beschrijft ze hoe ze haar vertaalstage bij Nevero heeft ervaren.

Als laatstejaarsstudente aan de Vertaalacademie in Maastricht was ik na het maken van honderden vertalingen op zoek naar een stageplek waar ik voor twee maanden nieuwe uitdagingen aan kon gaan. Zo kwam ik terecht bij Nevero. Hier zou een vak waar ik tijdens de opleiding nog niks over geleerd had centraal staan: audiodescriptie voor blinden en slechtzienden. Bovendien kon ik bij Nevero verder bouwen op de specialisatie die ik tijdens de opleiding gekozen had: Ondertitelen. Leuk!

Nu was tijdens de opleiding alleen vertalende ondertiteling van Engels naar Nederlands aan bod gekomen, en ging ik tijdens de stage vooral aan de slag met ondersteunende ondertiteling en ondertiteling voor doven en slechthorenden in het Nederlands. Dat was wel even omschakelen. Vooral de Vlaamse filmpjes waren voor mij als geboren en getogen Nederlandse even wennen. Moest ik die woorden en uitdrukkingen die mij zo onnatuurlijk in de oren klonken nu letterlijk in de ondertiteling zetten? En als er dan nog wat Frans bij kwam kijken werd het voor mij helemaal ingewikkeld. Zo werd er in één video gesproken over een beeldhouwer, waarvan ik de naam niet goed kon verstaan. Voor mij klonk het als Jan Dummeren. Even nagezocht op Google… en nee, dat klopte niet. Vervolgens heb ik gezocht op Vlaamse beeldhouwers met de voornaam ‘Jan’, maar zelfs zo kwam ik er niet uit. Kun je nagaan hoe verbaasd ik was toen stagebegeleider Susanne binnen één minuut de juiste naam had gevonden: Jan Desmarets. Die naam had ik ook voorbij zien komen, maar ik had er niet bij stilgestaan hoe deze naam zou klinken met een Franse uitspraak… Dat was een goede les, want reken maar dat ik nu op een andere manier kijk naar de namen en woorden die ik opzoek.

En dan natuurlijk de audiodescriptie. Wat een leuke, nieuwe manier om met taal bezig te zijn! Omdat je niet gebonden bent aan een brontekst, kun je er een hoop creativiteit in kwijt. Bovendien ben ik heel anders naar series en films gaan kijken. Een regisseur kiest voor bepaalde beelden met een reden. Als ik een stukje opnieuw bekeek om het na te kijken, zag ik weer dingen die me niet eerder waren opgevallen. Denk hierbij aan kleine dingen als een schilderij aan de muur dat in eerste instantie niet opvalt, maar dat wel iets duidelijk maakt in het verhaal. Verder heb ik geleerd om veel synoniemen te gebruiken. Mensen zien, kijken, turen en staren, werpen elkaar een blik toe, nemen elkaar op, enzovoort.

Al met al vond ik de stage erg leuk en leerzaam en wil ik Susanne en haar collega’s graag enorm bedanken voor alle lessen, feedback en hulp de afgelopen twee maanden!

Vera

Kantoorruimte Officenter
Ons kantoor in Officenter zag er een stuk leger uit na Vera’s vertrek!

gepubliceerd op 17 april 2018

 


Deel op:

Hoe word je audiobeschrijver?

 

Benieuwd wat je moet kennen en kunnen om als audiobeschrijver aan de slag te gaan? Het antwoord lees je hierna.

Een tijdje terug kreeg ik een mail van een collega-vertaler die schreef dat haar nieuwsgierigheid naar audiodescriptie de laatste maanden stevig aan het groeien is. De link tussen beeld en geluid vond ze interessant, net zoals het feit dat je door audiodescriptie mensen met een beperking kunt helpen. Tot slot stelde ze me een erg goede vraag, nl.: waar moet je goed in zijn als je audiodescriptie wilt toepassen? En kun je daar ergens een opleiding in volgen?

Op dit moment bestaat er geen voltijds opleiding tot audiobeschrijver, maar audiodescriptie is wel onderdeel van het vak audiovisueel vertalen/mediatoegankelijkheid in twee vertaalopleidingen. Maar dat is dus een deel van een vak, en het blijft vrij beperkt.

Er zijn verschillende soorten audiodescriptie (AD)

Meestal wordt er een onderscheid gemaakt tussen live-audiodescriptie en vooraf opgenomen audiobeschrijvingen.

Bij live-AD’s geeft een ‘blindentolk’ commentaar bij allerlei evenementen, optochten en dergelijke. Bij vooraf opgenomen AD’s worden aanvullende beschrijvingen bij films, tv-series enz. ingelezen in een opnamestudio en aan het programma toegevoegd. In dit artikel lees je meer over het productieproces bij filmbeschrijvingen. 

Binnen Nevero bied ik beide vormen aan (live en vooraf opgenomen AD). Daarnaast geef ik ook opleidingen.

Audiobeschrijver Susanne Verberk met het bordje ‘audiodescriptie - blindentolk’ op haar rug
Audiobeschrijver Susanne Verberk met het bordje ‘audiodescriptie – blindentolk’ 

Wat je moet kennen en kunnen, hangt samen met de vorm van AD die je wilt beoefenen. De vaardigheden van een beschrijver voor live-evenementen liggen dicht bij die van een tolk (improviseren en stemtechniek zijn dan belangrijk), terwijl iemand die film en tv-series beschrijft juist schriftelijk heel sterk moet zijn en inzicht moet hebben in de manier waarop een audiovisueel verhaal wordt verteld. Mijn ervaring is dat mensen die als vertaler van commentaarstemmen werken of als ondertitelaar daar vaak goed in zijn, maar ik heb ook een collega die een achtergrond heeft als scenarioschrijver / regieassistent. Meer over mijn eigen vooropleiding lees je op mijn blog.

Op dit moment zijn er geen opleidingen voor beginnende videobeschrijvers gepland. Wel hebben we een e-cursus waarin je leert om kunst te beschrijven voor mensen die blind of slechtziend zijn. Die opleiding is geschikt voor mensen die als vrijwillige ‘beeldentolk’ werken én voor professionele gidsen die willen leren hoe ze kunnen inspelen op de behoeften van blinde/slechtziende bezoekers. Meer info over deze audiodescriptie-opleiding op: https://nevero.nl/workshops-en-cursussen/.

 

gepubliceerd op 29 maart 2018


Deel op: